Meneer Van Dale wacht op antwoord

Ergens in het universum moet een zwart gat rondtollen, gevuld met alle niet-beantwoorde emails die ooit zo verwachtingsvol het bakje Postvak UIT verlieten, op weg naar hun nieuwe eigenaar. De reden dat ze hun doel hebben gemist, kan van velerlei aard zijn. Maar veruit het grootste aantal plofte tevergeefs in de mailbox van de Beminnelijke Vaagneus (BV).

meneer van dale7Deze – vaak ongelofelijk aardige – mensen maken van het beantwoorden van hun emails een ware tombola, zonder dat er boze opzet in het spel is. Het zijn de verstrooide professoren, de drukke Truus-de-mieren, de hoofdomlopers, de digibeten: allen menschen van goede wil.

Een andere eigenschap van de BV is: wél reageren, maar net níet die laatste regel van de mail hebben gelezen. Of alleen de eerste. Of alleen de aanhef. En dus sturen zij hun ‘bemailers’ ongewild met halve informatie het bos in. Wees eerlijk, we maken ons daar allemaal wel eens schuldig aan. Maar BV’ers verstaan de kunst er een ware jungle-expeditie van te maken. Hoe dat eruit kan zien? Nou, zo:

——————————————————

From: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Sent: Wednesday, May 08, 2013 8:30 AM
To: BeminnelijkeVaagneus
Subject: Rubriek

Beste Beminnelijke Vaagneus,
.
Leuk dat je wilde meewerken aan de rubriek ‘Goed lezen is ook een kunst’. Ik heb nog twee kleine dingetjes van je nodig: je woonplaats en leeftijd. Kun je me die doormailen?
.
Met vriendelijke groet,
meneer Van Dale
——————————————————
From: BeminnelijkeVaagneus
Sent: Wednesday, May 08, 2013 10:30 AM
To: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Subject: RE: Rubriek
.
Beste meneer Van Dale,
.
Mijn volledige naam is Beminnelijke Vaagneus. Effe denken, ja, ik weet het zeker. Denk ik.
.
Succes! BV
——————————————————
From: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Sent: Wednesday, May 08, 2013 10:46 AM
To: BeminnelijkeVaagneus
Subject: RE RE: Rubriek
.
Beste Beminnelijke Vaagneus,
.
Dank voor je mailtje, maar wat ik wilde weten was je woonplaats + leeftijd.
Kun je me die nog even laten weten?
.
Dank je wel!
meneer Van Dale
——————————————————
From: BeminnelijkeVaagneus
Sent: Wednesday, May 08, 2013 12:30 PM
To: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Subject: RE RE: Rubriek
.
Beste meneer Vandalen,
.
O, ik dacht dat ik dat al gezegd had: mijn functie is ‘Manager Credibility & Accuracy’. Dacht ik.
En ik heet Beminnelijke Vaagneus. Voor zover ik weet.
.
Succes! BV
——————————————————
From: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Sent: Wednesday, May 08, 2013 13:30 PM
To: BeminnelijkeVaagneus
Subject: RE RE: Rubriek
.
Beste Beminnelijke Vaagneus,
.
Ik heb geprobeerd je te bellen, leek me handiger, maar je telefoon doet het niet. Wat ik van je nodig heb is:
.
1. woonplaats 
2. leeftijd
.
Geen naam, geen  functie. Wel: woonplaats + leeftijd.
.
Nogmaals dank!
meneer Van Dale
——————————————————

From: BeminnelijkeVaagneus
Sent: Wednesday, May 08, 2013 15:30 PM
To: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Subject: RE RE: Rubriek
.
Beste meneer Vanderdaal,
.
Ja, de batterij van m’n gsm doet raar. En vijf maanden geleden heb ik ‘m nog opgeladen…
Mijn naam? Die had ik toch net gegeven?

– Naam: Beminnelijke Vaagneus.
– Functie: ‘Manager Credibility & Accuracy’.

Geeft niet hoor, soms moet ik óók wel eens wat 2x keer vragen 😉

Nou, succes! BV

——————————————————

From: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Sent: Wednesday, May 08, 2013 15:53 PM
To: BeminnelijkeVaagneus
Subject: SPOED RE RE: Rubriek
.
Beste Beminnelijke Vaagneus,
.
Je telefoon doet het nog steeds niet, dus maar weer een mailtje. Wat ik nog steeds van je nodig heb
– zie mijn eerdere mailtjes – zijn:
.
antwoorden:
.
1. WOONPLAATS
2. LEEFTIJD
.
DUS: WOONPLAATS + LEEFTIJD
. 

Graag met enige SPOED, want de tijd gaat dringen.

Dank!

meneer Van Dale

——————————————————

From: BeminnelijkeVaagneus
Sent: Wednesday, May 08, 2013 16:24 PM
To: MeneerVanDale(wachtopantwoord)
Subject: RE RE: Rubriek

Beste meneer Valendal,

.
Nou kwam er net een mailtje van je binnen, en nu kan ik ‘m niet meer vinden. Die computers ook.

Ik moet nu rennen naar een verjaardag – of was het een afscheid? – maar ben morgen weer bereikbaar.
Nee wacht, ik ben vanaf morgen een weekje weg. Had ik dat al gezegd?

Maar gelukkig heb je nu alle info. En anders ben ik altijd telefonisch bereikbaar…

.
Succes met het artikel!
BV

-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-+-

Advertenties
Categorieën: Alles is communicatie, Communicatie & Krommunicatie | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Een klankkast resoneert tegen wil en dank

Soms vertelt iemand een verhaal dat meteen een snaar raakt. Voorwaarde is natuurlijk dat je een bereidwillige klankkast bent, waarin zo´n verhaal resoneert. Bij mij gebeurde dat vanochtend, toen schrijver Theodor Holman vertelde over zijn boek ‘De grootste truc aller tijden’ in het tv-programma Boeken.

de-grootste-truc-aller-tijden-theodor-holman

.

Twee jaar geleden hield hij – kind van ouders die het Jappenkamp overleefden – een toespraak tijdens de herdenking van de bevrijding van Nederlands-Indië op 15 augustus 1945. Met een schok bedacht hij hoe hij zich voor het verhaal van zijn eigen ouders altijd had afgesloten. Dit boek is zijn poging dat enigszins recht te zetten.

Zijn vader had een kampdagboekje bijgehouden. Holman liet het tijdens de uitzending zien: een dun beduimeld notitieboekje waarvan je je afvraagt hoe dat het kamp heeft overleefd. Achterin schreef zijn vader, vrijetijds-goochelaar, een aantal zelfbedachte trucs. Het gaf Holman zijn invalshoek: over de ‘illusies die het leven ons flikt’.  Bekijk de uitzending vanaf 16’30.

Waarom het resoneert?

Holman benadrukte hoe de Indische Nederlanders – vaak aldaar geboren – alles kwijtraakten. Hun bevrijding ging immers naadloos over in de Bersiap-periode: Indië wilde niets meer te maken hebben met alles wat maar riekte naar kolonialisme. Dus na de Jappenkampen moesten de Indische Nederlanders opnieuw voor hun leven vrezen. Wie kon, vertrok naar Nederland. Met achterlating van huis, inboedel, dierbaren, huisdieren en geboortegrond. En met als vooruitzicht een vreemd, koud land dat zij vaak alleen kenden uit schoolboekjes en van foto’s.

Bevrijd, en nu asielzoekers. Met dien verstande dat zij wel degelijk tot de onderdanen van de koningin behoorden. Holman refereerde al aan de manier waarop Nederlands-Indische mensen hier niettemin bij de overheden moesten soebatten voor een beetje erkenning – die hooguit mondjesmaat kwam. Verlies op verlies op verlies.

Hoeveel verlies kan een mens hebben? Veel, getuige de veerkracht van mijn vader. Eerder dit jaar schreef ik – bij wijze van vingeroefening voor de schrijfwedstrijd van de Boekenweek – een klein eerbetoon aan hem én aan mijn moeder. Nee, ik stuurde het verhaal niet in en het had ook vast niet gewonnen. Maar een klankkast resoneert tegen wil en dank. Daarom wil ik het verhaal nu toch een plaats bieden:

.....................................................................................

De pronkerwtjes

pa van boord gedragen

Op de brancard mijn vader die van de MS Kota Inten wordt gedragen – februari 1947. Voor het eerst op Nederlandse bodem.

“Vijfennegentig jaar ben ik. Mijn toekomst ligt achter me en mijn verleden haalt me in. In de spiegel kijkt een oud mens me verbaasd aan; ik voel me hooguit zestig. En nog steeds levenslustig. Bijna een eeuw kan ik terugblikken nu. Een levensrijkdom die tegelijkertijd voelt als een verarming. Al die dierbaren die nog slechts herinneringen zijn… Geleidelijk aan word je de eenzame boom in het klaprozenveld. Beetje scheef, beetje krom. Al het jonge steekt daar mooi bij af.

Nog één keer kunnen bijpraten met vriendinnen. Nog één keer de geborgenheid voelen van vroeger, thuis. Of schaatsen op de vijver bij de HBS. En dan zwieren, naast mekaar. Doen ze dat tegenwoordig nog, zwieren? Veel dingen zijn anders nu. De kinderen trouwen bij voorkeur als er al een kindje onderweg is. Een dikkere buik tijdens de plechtigheid verhoogt de feestvreugde. Hoe anders was dat in de jaren vijftig. Hoe anders was dat bij mij. 

Tot over m´n oren verliefd werd ik. Op een zieke Nederlands-Indische man die na de oorlog in Azië hier aankwam en liggend op een brancard van boord werd gedragen. De oorlog had hem niet alleen veroordeeld tot drie jaar Japanse krijgsgevangenschap, maar ook tot het verlies van zijn ouders, zijn huis, zijn gezondheid en nu dus ook zijn land. Voor hem bestond de bevrijding alleen maar uit een nieuwe beproeving. Nederlands-Indië wilde onafhankelijk zijn, en dus waren Nederlanders als hij persona non-grata. En zo begon deze jongeman uit de tropen aan een nieuw bestaan in een land dat net in de greep was van een van de strengste winters van de vorige eeuw. 

pronkerwtjes

Pronkerwtjes of lathyrus.

Een radio-uitzending bracht ons samen. Iemand riep op tot een bezoekje aan zo´n gehospitaliseerde Indische militair, ontheemd en vaak eenzaam. Dat eerste bezoek had ik pronkerwtjes meegenomen. Iets kleurigs voor op die klinische ziekenkamer. Hij kende de bloemen niet en vond ze de mooiste die hij ooit had gezien. Wat was hij mager. Wat was hij bijzonder. Ik bleef hem bezoeken.

Mijn ouders waren tegen. Zij zagen geen toekomst voor ons. Maar dat bracht ons alleen maar nader. Ik had zoveel en hij zo weinig. Waar haalde hij dan toch dat optimisme vandaan? En die grapjes en verhalen? Alles wilde ik goedmaken wat hem was aangedaan; zijn rots in de branding zijn. Mijn vader huilde toen hij hoorde dat er een kindje op komst was. Het sneed door m´n ziel, maar ik had gekozen. 

We trouwden op een woensdag, met nog meer bruidsparen. Dan kostte het niets. Mijn man had als enige een corsage meegenomen voor zijn toekomstige vrouw: van pronkerwtjes. Een speldje en lintje maakten het af. Deze man uit die verre cultuur had toch maar aan alles gedacht. Mijn ouders waren afwezig. Een zwarte bladzijde. Maar die lichtte op met een klein gouden randje, toen mijn vader later op zijn sterfbed bekende dat hij erg gesteld was geraakt op mijn man. ‘Ik heb er een zoon bij gekregen’, zei hij. Zelf had ik die verandering al gezien. Maar dat hij dit uitsprak, was balsem voor de ziel. En nog.” 

Categorieën: Boeken en schrijvers | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Twitter en tv, koppen en maaiveld

pasfoto2

.

Dineren in de grote zaal van het Amsterdamse Concertgebouw. Bestaat zoiets? Wel wis en drie. De welbekende rode pluche stoelen waren onlangs op miraculeuze wijze omgetoverd tot lange rijen witgedekte tafels, getooid met enorme tuilen bloemen. De gasten aan weerszijden zaten op goudkleurige stoelen; ze dineerden en converseerden. Dames in het lang, heren in rokkostuum. Het Concertgebouw proostte op zijn 125-jarig bestaan en een paar honderd dinergasten proostten terug. Salut!

concertgebouw

We zaten aan tafel met onder meer de Vlaamse Peter Vandermeersch, hoofdredacteur NRC, en Maartje van Weegen – introductie overbodig. Het gesprek ging over nieuwe media. Twitter met name. Hoe is het om aan de ontvangende kant van het medium te zitten?

Vandermeersch schuift geregeld aan bij De Wereld Draait Door, en ook redacteuren van zijn krant behoren her en der tot de genodigden. Wie wil, kan via search tools als Twinitor (geweldig instrument, registreren hoeft niet) of Hootsuite meelezen met de continue stream of consciousness van de tv-kijker die graag andere kijkers deelgenoot maakt van zijn hoogstpersoonlijke opwellingen. Soms grappig, of inhoudelijk sterk, maar vaker zijn het gedachteloze oprispingen over kleding, haar, opmaak, rare neus of mond, versprekingen, kan die meneer/mevrouw niet weg, zo klaar mee, enzovoort. En dan zijn daar ook nog de minder nette reacties. 

klaar mee

.

Because we can?

Toegegeven, zo televisie kijken – op de bank met ‘heel’ Nederland – heeft een hoge amusementswaarde. Maar waarom laat het gros van de twitteraars zich daarbij negatief uit, vaak op de man gespeeld? Is het de anonimiteit, of de afstand tot het lijdend voorwerp in kwestie – ‘ik ken hem of toch haar niet’? Of is het simpelweg because we can?

Boze briefschrijvers

Vandermeersch, zelf een fervent Twitteraar, hief de handen in verwondering op. Waar de mensen al niet op letten. Het valt niet te voorspellen en niet te voorkomen. En het beste kun je er niet te lang over nadenken ook. Mensen staan er vaak niet bij stil dat ze hun tweet delen met de hele wereld en bij het effect dat het op de betrokkenen heeft. Ongetwijfeld zullen ze bij een ontmoeting in levenden lijve meevallen, zelfs aardig blijken te zijn. Net zoals boze briefschrijvers soms helemaal bijdraaien, wanneer je contact met ze opneemt en een gesprek aangaat.  

Ach, de briefschrijvers. Zij behoren tot een tijd die veel beter past bij de grandeur en aankleding ter plaatse: die van het eerbiedwaardige Concertgebouw. Bij Maartje van Weegen waren het destijds vooral briefschrijvers die zich roerden, áls mensen al die moeite namen. De social media waren nog niet tot wasdom gekomen. En de drempel om een brief te schrijven, een postzegel te plakken en de gang naar de brievenbus te maken, lag stukken hoger dan bij de huidige ‘druk op de knop’. Wie zich tegenwoordig op tv vertoont, zal oneindig meer zinnig en onzinnig commentaar op de koop toe moeten nemen dan het geval was in het ‘analoge’ tijdperk.

Zelfregulerend

Wat in elk geval hoopvol stemt, is hoe met enige regelmaat de ene Twitteraar de andere tot de orde roept. En de kracht van het medium is zéker dat Twitteraars als één blok iets of iemand tot de orde kunnen roepen, zoals onlangs die onafhankelijke supermarkt expert die bij het consumentenprogramma Kassa de kwaliteit van producten van Aldi en Lidl in twijfel trok en zich opmerkelijk positief toonde over supermarkt Plus – waarvoor hij adviseur bleek te zijn. Onafhankelijk? Misschien. Objectief? Dat zeker niet. Het regende verontwaardigde tweets. Twitteraars als kritisch consumentenpanel. Gratis en voor niets.

Overigens zuchten sommige BN’ers niet alleen onder de commentaren via Twitter. Uit betrouwbare bron vernam ik dat ook familieleden weleens geheel voorbijgaan aan de inhoud van het optreden om na afloop slechts te vragen: ‘Waarom droeg je nou die stropdas?’ Maar moeders mogen dat. En dat weten ze. 

Meer weten over Twinitor? Klik hier.

Meer weten over 125 jaar Het Concertgebouw? Klik hier.

Categorieën: Alles is communicatie | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Die Zauberflöte: communiceren in optima forma

Alles is communicatie. Tekst, beeld, geluid en de combinatie daarvan. Neem opera. In het kielzog van een liefhebber kan ik enkele keren per jaar een operapremière bijwonen in het Amsterdamse Muziektheater. Niet uw genre, zegt u? Het mijne ook niet onmiddellijk. Er zijn voorstellingen geweest waarbij ik vaker op m’n horloge keek dan de hele rest van het jaar bij elkaar. Maar er zijn uitzonderingen. En dan zijn er ook nog de wonderen. Gisteren was zo’n wonder.

images

Amadeus Mozart


Vertellen waarom een voorstelling je zo blij maakt dat je in een gelukzalige roes huiswaarts keert, is een hachelijke onderneming – maar een poging waard. Veroorzaker van de roes is de uitvoering door De Nationale Opera van Die Zauberflöte, een lichtvoetige opera van Mozart, die gisteren in het Muziektheater ‘ging’, zoals dat heet.

Een wonderlijke combinatie van: alle registers opentrekken met minimale middelen voor een overtuigend maximaal resultaat. Communicatie in optima forma.

Een helle-rit aan noten

Het gegeven is misschien bekend: twee mannen – een serieuze prins, en een veel minder serieuze vogelvanger – gaan samen op een queeste: ze zoeken allebei de toekomstige vrouw van hun dromen. Daarbij krijgen ze hulp van een toverfluit en drie goede geesten. Drie kleine Sängerknaben – uitgedost als ontroerend wankele oude gnoompjes – geven met heldere sopraantjes aanwijzingen als het mis dreigt te gaan. Want natuurlijk zijn er de nodige beproevingen en misverstanden.

De avonturiers moeten het opnemen tegen de Koningin van de Nacht – prachtige duistere naam – die in een veeleisende en adembenemende aria (gaat ze ’t redden, die helle-rit aan noten?) haar dochter aanspoort tot moord. Tevergeefs, gelukkig.

Zauberflote_aff

Promotie affiche

Regisseur Simon McBurney maakte er een multi-dimensionale opera van die zich afspeelt óp het podium, ernaast, voor én achter een projectiescherm, in de orkestbak, én soms – tot grote pret van het publiek – in de zaal.

Geluidseffecten

Nog niet eerder gezien: een glazen hokje naast het podium waarin een geluidsman zichtbaar voor het publiek geluidseffecten bij de voorstelling maakt. Aan de andere kant van het podium blaast iemand de toverlantaarn nieuw leven in met schaduwvoorstellingen en tekeningen die, eenmaal geprojecteerd op groot doek, ogen als tempels met geheime doorgangen, zonnen en waterkolken. En dat alles met behulp van simpele middelen als een schoolbord, krijt, schaduwpoppen, rookwolkjes en boeken.

Oren aan ’t heufd

En waar blijven de zangers en zangeressen in deze loftuiting, denkt u wellicht. Geen wanklank in deze voorstelling, is mijn oordeel, waarbij aangetekend zij dat ik weliswaar een leek ben, maar nochtans met oren aan het heufd.

Maar bovenal: wat een verzorgde productie is dit, met grote en kleine – visuele – grapjes, rijk aan ideeën en originaliteit, ontroering en vertedering. Wat een oog voor detail. En wat spat het plezier er bij alles en iedereen vanaf. Geen wonder dat het voltallig publiek zich aan het eind niet liet bidden, maar als één man opstond om te applaudisseren: het wilde maar al te graag.

Voor verwende operaliefhebbers is dit een hoogtepunt en een must-see; voor een eerste kennismaking met opera is dit de beste start die men kan maken. En nee, ik heb geen aandelen. Helaas. Want in de tijd dat ik dit stukje schreef, zijn zojuist ook de laatste voorstellingen uitverkocht.

Meer informatie over Die Zauberflöte in Het Muziektheater

Categorieën: Alles is communicatie | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

ProRail: een legertje stickers op de roltrap

Ik kon m’n ogen bijna niet geloven toen ik twee weken geleden op een roltrap stond, op weg naar m’n trein. Op ‘mijn’ roltrap stond iedereen rechts, zodat andere mensen erlangs konden en zelfs op het nippertje hun trein haalden. Misschien zijn zulke malle fratsen gebruikelijk in good old England, maar een dergelijke ordentelijke gekkigheid in Nederland? Lichtelijk alarmerend vond ik het. Had ik een belangrijke omslag in het collectieve denken gemist?

Op het perron aangekomen, keek ik nog eens om. De volgende lading roltrappers bestond weer uit een allegaartje dat zich breeduit had verdeeld over elke beschikbare millimeter. Hè gelukkig, ik schrok al.

ProRail zet sticker-leger in.

Het eigenwijze Hollandse roltrapgedrag houdt de gemoederen al heel lang bezig. Eigenlijk net zolang als er mensen op roltrappen crowdsurfend hun trein proberen te halen.

Sinds een week doet ProRail, beheerder van spoor en bovenleiding, een dappere poging dat gedrag in goede banen te leiden. Op zo’n 150 roltrappen op stations in Nederland zitten stickers met de aansporende tekst:

‘links gaan, rechts staan’

Of, zoals ProRail opgewekt meldt: het heeft de stickers nu in heel Nederland ‘ingezet’ – een leger aan stickers, zeg maar. Dat goed gedrild ten strijde trekt voor volk en vaderland.

Zelf mis ik een ezelsbruggetje. ‘Links gaan, rechts staan‘ rijmt goed, maar klinkt dus precies als ‘rechts gaan, links staan‘. Net zo handig als: ‘je rechterhand is die waar de duim links zit’. Au, hoofdpijn. Doe dan iets als: Links Lopen, Rechts Rustig-an-dan-breekt-het-lijntje-niet. Maar dan beter. En dat het ene figuurtje op de sticker een geamputeerd onderbeen heeft, helpt ook niet echt. Of is dat de eerste casualty van het sticker-leger? Het kan natuurlijk best gaan werken, deze sticker, maar ja: Nederland en voorkomendheid? En we hangen met z’n allen ook nogal aan onze gewoonten. Vooral als ze een beetje stoutig zijn.

Schuldige bordjes in TORONTO

Dat dergelijke stickers en bordjes zelfs de schuld kunnen krijgen van ongeregeldheden op de trap, bleek op de stations in het Canadese Toronto. Bij alle roltrappen werd het volgende bordje verwijderd:

Roltrap in Toronto.

WALK LEFT, STAND RIGHT

Het traplopen moest namelijk juist ontmoedigd worden, omdat het zou hebben geleid tot ongelukken. De toonaangevende website The Torontoist zocht en vond 1 ongeluk: een pile-up van 8 mensen. Op een heel jaar van voorbeeldig trappenlopen. Het medium nam het voor de bordjes op:  

‘The signs are there for etiquette, not to remind people that they have movable legs.’ 

Ach, ik snap het ook wel. We lezen met z’n allen steeds minder en dan ineens zo’n ellenlange tekst als WALK LEFT op een bordje. Da’s vragen om ongelukken.

Iets visueels dan. Op Nerdacus.com, een Amerikaans ideeënblog, oppert iemand om de traptreden als communicatiemiddel te gebruiken.

´Just paint the steps. Self-explanatory. No retrofitting, no new equipment.´

Zie hierboven hoe Nerdacus.com dat voor zich ziet. Niet slecht. Je hoeft zelfs niet meer na te denken over links of rechts. En dan nu de hamvraag: zou het genoeg zijn?

Categorieën: Alles is communicatie | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen
Fromme2u

De columns van Bob Frommé

kleinborkel

Knolraap en lof...

Klein woordenboek van de ondertitelaar

Nieuws en notities uit ondertitelland

ERIK VOERMANS

Ambient Guitar Soundscapes

Blogger uit Amsterdam-ZuidOost

schrijft met plezier

Appelvrouw

van de Boomstam

Durrelliana

a scrapbook

mokumsmeisje

Terug van even pleite

tedvanlieshout.nu

schrijver, dichter, beeldend kunstenaar

Read Around the Globe

Dagkalender van de wereldliteratuur

Steve McCurry's Blog

Steve's body of work spans conflicts, vanishing cultures, ancient traditions and contemporary culture alike - yet always retains the human element.

%d bloggers liken dit: